donderdag 25 januari 2018

Gedichtendag 2018: Dagelijks Gedicht 333


333

De baby danst nog in mijn buik, hij koestert grotere ambities
dan indalen, eerder komen dan nodig of het zoveelste gedicht zijn
op Gedichtendag – zijn poëzie hecht niet aan gewoontes.

Het wachten krijgt de smaak van vrouwenmantel en andere oude wijsheid,
het hart van de ananas en onvindbaar frambozenblad stellen we uit
tot na dit weekend, als ongeduld legitiem wordt - kan dat ooit?

Geen enkele houding past me nog, gelukkig is er naast het lijf de taal
om dat heel even te vergeten en kan ik wakend toekijken hoe een man
om wat te doen te hebben, het huis nog mooier maakt dan het al was.

Stapels boeken worden verschoven, erfstukken van hun plaats gehaald,
zodat planken het laatste likje mahoniehouten verf krijgen
en het Mozesmandje nog even een harige, slaperige bezoeker.

Zolang de baby er nog niet is, staan we andere ensceneringen toe
om de tijd te doden: een trompet van één van beide dode grootvaders,
een laken uit een vorig leven en een spinnende kat.

zondag 21 januari 2018

Tien jaar Huiverinkt: Dagelijks Gedicht 329

Boomstam in het duingebied van Vogelenzang


329

Als mijn kind zou besluiten om vandaag alsnog uit mijn buik in het warme water
of in ieder geval op de koude wereld te glijden, dan zou hij naast het grootste wonder
in mijn leven tot nu toe ook exact tien jaar jonger zijn dan Huiverinkt, de online verzameling woorden die ik op mijn zesentwintigste in een januarinacht bij elkaar begon te sprokkelen.

Wat hebben beide creaties met elkaar gemeen? Ze onstonden allebei uit liefde,
de ene voor een man en het leven, de ander voor het woord en het leven,
en daarnaast als uitlaatklep voor onvermogen, terwijl ik een kind van vlees en bloed
alleen kan verwekken met een blik vol hoop op de toekomst en vertrouwen.

Toenemende verrechtsing, de vluchtelingencrisis, nalatigheid om voor het klimaat te zorgen?
Je zou kunnen zeggen: de een maakte ik tegen beter weten in, met de ander hoop
ik al tien jaar meer te weten te komen en me te wapenen, maar misschien werkt het op
een goudeerlijk oerniveau wel precies omgekeerd. Beide spiegelen ze mij:

de trots en de onvolkomenheden die veel dieper gaan dan zichtbare sporen op de huid.
Beide laten me zweten, huilen, lachen en leven. Met beide laat ik iets na,
maar ze volgen ook onmiskenbaar hun eigen spoor en ze vormen allebei
belangrijke lessen in loslaten, in houden van de ander, met en ondanks alles.

Tijdens een ultrakorte wandeling in winterse duinen om het indalen te bevorderen
viel mijn oog op een bescheiden holte in een boom die een eigen weg opwaarts groeit  
ik schatte de omtrek, dacht aan een pompelmoes en babyhoofd en haalde mijn camera boven,
-->
zou deze neiging eerder toeschrijven aan een schrijversblik dan een gevoel voor humor.

Populaire berichten